zaterdag 17 november 2018

R Rubrieken

Ingezonden: Waarom zwijgt de Wassenaarse gemeenteraad?

Wassenaar - Bijna 18.000 euro terug en toch een streep door de rekening van het gemeentebestuur. College én raad hadden de financiële afwikkeling van burgemeester Hoekema's vertrek liever geheim gehouden. Hoekema heeft dan ook nooit, net als de al eerder vertrokken wethouder Verschoor, in de raad verantwoording af hoeven te leggen, over de reden van zijn vertrek.
Maar ook een kritisch rapport over de bestuurskracht van Wassenaar is niet inhoudelijk en in het openbaar besproken. Evenals beschuldigingen van interim burgemeester Aptroot over cliëntelisme nooit in de raad op hun waarheidsgehalte getoetst zijn.

Over al deze zaken hebben de raadsleden uren vergaderd, maar dan wel in besloten fractie- en coalitie-overleggen. En in het presidium, waar de fractievoorzitters achter gesloten deuren met de burgemeester vergaderen. Maar in de raadszaal is vooral gezwegen. Waarom?

Waarom debatteren de Wassenaarse raadsleden niet? Waarom heeft de coalitie haar voornemen uit het coalitieakkoord om van "transparantie een kernwaarde te maken" en "een gemeentebestuur te vormen dat zich op een integere en transparante wijze inzet" niet waar gemaakt? En waarom heeft de oppositie dan geen openheid en transparantie afgedwongen? Ik denk dat hier drie redenen voor aan te wijzen zijn: angst, onkunde en onwil.

De politiek in Wassenaar is verlamd door de angst voor imagoschade. Sinds de "nazit" is de eerste zorg niet om een probleem op te lossen, maar om het uit de publiciteit te houden. Wat niet helpt is dat sommige landelijk media elk incident in dit 'villadorp' uitvergroten en eindeloos herkauwen. En ook in Wassenaars zelf staan invloedrijke groepen uiterst kritisch ten opzichte van het gemeentebestuur. In een dergelijk klimaat valt het te begrijpen dat de raad liever probeert 'eenheid' uit te stralen dan in het openbaar debatteert. Openheid en transparantie moeten dan van buiten de raad worden afgedwongen. Bijvoorbeeld door een WOB-verzoek van de NRC.

Ten tweede vraagt een openbaar debat van de raadsleden dat ze de stukken kritisch bestuderen en kunnen doorzien. Niet ieder raadslid kan dit en niet ieder raadslid neemt of heeft hier de tijd voor. Hier wreekt het zich dat het raadswerk serieus, maar onderbetaald, werk is.

In de derde plaats voelen sommige fractievoorzitters zich zelf meer bestuurder dan controleur van de macht. Voor hen is de besloten vergadering van het presidium de plek waar zij hun invloed kunnen uitoefenen.

Mark Knevel is raadslid voor het CDA.