zaterdag 17 november 2018

R Rubrieken

Fusie is Illusie (17)

Wassenaar - INTERGEMEENTELIJKE SAMENWERKING, EEN OPMAAT VOOR FUSIE? Sinds 2002 hebben opeenvolgende kabinetten belangrijke taken (o.a. jeugdzorg) van het Rijk overgedragen aan gemeenten. Als een gemeente echter voor het uitvoeren van bepaalde taken zelf niet voldoende expertise in huis heeft, besluit zij om voor deze taken samen te gaan werken met een of meer andere gemeente(n). De ambtenaren voor deze taken worden daarbij gebundeld in één gezamenlijke organisatie, waarvoor een gemeenschappelijke regeling (GR) wordt gemaakt. Leidt intergemeentelijke samenwerking tot fusie? Niet, zo betogen wij hieronder, als de samenwerking beperkt blijft tot het bedrijfstechnisch operationeel takenveld van de gemeente.

Ook Wassenaar neemt deel aan tien van dergelijke samenwerkingsverbanden en aan drie naamloze vennootschappen. Maar er zitten nogal wat haken en ogen aan. Zo staat in de Kadernota 2018 van de gemeente Wassenaar dat de gemeenteraad echter weinig invloed heeft op de uitgaven van deze samenwerkingsverbanden doordat veranderingen in taken of uitgaven met de andere deelnemende gemeenten moeten worden afgestemd. Daardoor verliest Wassenaar individuele invloed en autonomie.

Bovendien hebben de samenwerkingsverbanden tot een extra bestuurslaag geleid. Daar komt bij dat de raad een GR niet kan controleren. Het Algemeen Bestuur (AB) van een GR controleert de GR. In het AB zitten doorgaans de wethouders. De raad kan theoretisch wel een wethouder aanspreken over zijn optreden in een GR. Maar dat blijkt in de praktijk erg moeilijk. Wetenschappelijk onderzoek uit 2016 laat zien dat gebrek aan democratisch toezicht op zijn beurt weer leidt tot méér bureaucratie en inefficiëntie.

Als voorbeeld noemen wij hier de 'Werkorganisatie Duivenvoorde'. Dit ambtelijk facilitair bedrijf (GR) werkt voor de Wassenaarse en Voorschotense gemeentebesturen en is voor afzonderlijke delen van zijn taakuitoefening verantwoording verschuldigd aan zowel het Wassenaarse als het Voorschotense College van B&W. Vanwege grote inefficiënties heeft waarnemend burgemeester Aptroot echter in het najaar van 2017 ingegrepen in dit samenwerkingsverband.

In onze nota 'Argumenten tegen gemeentelijke fusie van Wassenaar' van november 2017 adviseren wij het Wassenaarse gemeentebestuur de samenwerkingsvormen zo te organiseren dat de ambtelijke samenwerking wordt beperkt tot alleen een bedrijfstechnisch, puur operationeel taakveld (zoals groenonderhoud, ophalen en afvoeren van afval, brandweer, ambulance, inning van OZB, automatisering en salarisadministratie). De meeste daarvan zijn allemaal ondergebracht in een GR.

Naar onze mening moeten echter zaken die te maken hebben met algemene strategie en algemeen beleid en die specifiek voor de gemeente zelf gelden (zoals ruimtelijke ordening, woningbouw, verkeersbeleid, sociale zaken en cultuur), buiten het samenwerkingsverband gehouden worden. In de praktijk is immers te vaak gebleken dat er problemen ontstaan bij samenwerking op deze belangrijke gebieden. Eén gefuseerde beleidsafdeling kan immers niet op een goede manier twee verschillende gemeenteraden met geheel verschillende programma's en achtergronden van beleidsadviezen voorzien. Het spreekwoord luidt niet voor niets: "Niemand kan twee heren dienen".

Wij bevelen dan ook aan dat met name algemene beleidszaken uit de samenwerkingsconstructie worden gehaald, zodat elke gemeente een eigen ambtelijke beleidsgroep in dienst houdt. Die eigen beleidsgroep adviseert dan vanuit kennis en ervaring van de plaatselijke omstandigheden haar eigen College van B&W en haar eigen gemeenteraad. Laatstgenoemden kunnen daardoor op cruciale gebieden maatwerk leveren voor de eigen gemeente.

Onze aanbeveling wordt gestaafd door wetenschappelijk onderzoek uit 2013 naar de gevolgen van ambtelijke integratie. Daaruit blijkt dat er geen enkele reden voor fusie met andere gemeenten is, als een samenwerkende gemeente directe zeggenschap en controle over haar eigen taken en bevoegdheden handhaaft en de gemeenteraden alert toezicht en controle op samenwerkingsverbanden en GRs uitvoeren.